Door de geschiedenis heen is rust als een verre geliefde geweest die we in elk gezelschap noemen, maar waarmee we nooit verenigd worden. In plaats daarvan dwalen we door een wereld vol zorgen en klachten, en zingen we liederen over rust. Elke nieuwe onrust doet ons verlangen naar de verloren vrede van vroeger en zeggen: “De herinnering eraan is de hele wereld waard…”
Als dag en nacht wisselen vrede en onrust elkaar af op het gespannen gelaat van de geschiedenis, zonder ooit tot een finale vorm te komen. Dat is ook logisch: deze wereld is niet de plek van volmaakte rust of totale onrust; ze is slechts een doorgang naar het hiernamaals, waar rust of onrust definitief zal zijn.
Wie zijn wilskracht gebruikt en zijn aangeboren talenten ontwikkelt, vindt licht en rust in hart en innerlijk.
Maar wie de diepere zin van het bestaan niet begrijpt, zijn gaven misbruikt en zich laat leiden door lage begeerten, is overgeleverd aan duisternis, ja, aan absolute duisternis en rusteloosheid.
Geloof en hoop vormen de eerste voorwaarde voor innerlijke vrede.
Voor mensen die geloven en de waarheid zoeken bestaat absolute rusteloosheid niet. Zelfs in tijden van onrust en spanning zien zij tekenen van hoop en vertrouwen, waardoor ze elk voorval met een glimlach tegemoet treden.
Geloof en hoop vormen de eerste voorwaarde voor innerlijke vrede. Iemand kan geen echte innerlijke rust vinden als hij geen zuiver geweten heeft en geen paradijs in zichzelf draagt. Maar wie hoopvol naar de toekomst kijkt en in zijn hart al een paradijs voelt door het vooruitzicht op een mooi leven dat nog komt, zal die rust niet verliezen.
Van individu naar samenleving
Het is daarom belangrijk dat wij, zowel lokaal als globaal, al onze inspanningen richten op het ontwikkelen van onze mensen die deze vredevolle samenleving mogelijk maken. Een samenleving van rust, vrij van laaghartige gevoelens, die streeft naar hogere idealen. Een samenleving die bestaat uit individuen met een gerust geweten, families die geborgenheid en geluk uitstralen, en gemeenschappen die verbonden zijn in eendracht en die vrede en rust beloven.
Innerlijke rust begint bij het individu, krijgt gestalte binnen het gezin, waar ze uitgroeit tot een kleine maatschappelijke samenhang, en verspreidt zich vervolgens naar alle lagen van de samenleving.
Als we streven naar goedheid en schoonheid, hoop en veiligheid, moeten we beseffen dat verandering bij het individu begint. Want het individu vormt niet alleen de basis van het gezin, maar is ook het fundament waarop de hele samenleving rust.
Innerlijke rust begint bij het individu, krijgt gestalte binnen het gezin, waar ze uitgroeit tot een kleine maatschappelijke samenhang, en verspreidt zich vervolgens naar alle lagen van de samenleving.
Een samenleving bestaande uit mensen die verstrikt zijn in fouten brengt geen goed, zegen, hoop, geluk of vrede. Deze waarden, al het goede en alle geluk, alle veiligheid en rust, zijn voorbehouden aan hen die, door intellectuele en spirituele verdieping, de mysteries van het ik en de persoonlijkheid hebben doorgrond. Wie in innerlijke balans leeft en zo’n stevige pijler is geworden, wordt vanzelf ook een goed gezinslid en een waardevolle burger.
Gezinnen die bestaan uit zulke nobele mensen doen denken aan een stukje paradijs. In deze gezegende huizen begint de relatie tussen gezinsleden, tussen ouders en kinderen, niet bij de geboorte en eindigt ook niet bij de dood. Want voorbij dit aardse bestaan gaat deze eindeloze voorstelling verder, telkens opnieuw, in decors vol licht, kleur en klankenspel, die steeds weer het hart raken en verwondering wekken.
De tijd kan de sterke band binnen zulke gezinnen niet aantasten, en de onderlinge eerbied en mededogen die hen samenhouden zullen niet vervagen. Zo’n gezin blijft voor eeuwig bestaan, en haar harmonie en kracht geven hoop aan de samenleving als geheel, waarvan het de grondpijler is. Want uiteindelijk rust een gezonde samenleving op de zuiverheid en deugdzaamheid van het gezin.
Als een volk deze basis verliest, verliest het zijn levenskracht. Een volk zonder sterke gezinsbanden verliest ook zijn identiteit als volk. De waarden van liefde, respect, solidariteit en samenwerking die binnen het gezin worden gekoesterd, zijn essentieel voor het welzijn van een hele samenleving. Alleen dan kan een volk geschiedenis schrijven en, als getuige en hoeder, een bepalende rol spelen in internationale harmonie, wereldvrede en rechtvaardigheid.
De overheid, burgers en ware leiders
In een harmonieuze samenleving zijn mensen zo nauw verbonden door de stevige onderlinge samenhang tussen de bouwstenen, een gedeelde moraal en oprechte empathie, dat de pijn van één cel het hele organisme diep doet kreunen, en dat ook de vreugde die in de delen opkomt alle leden blij maakt. Wanneer één persoon lijdt, voelt de hele gemeenschap die pijn. En wanneer iemand vreugde ervaart, deelt de gemeenschap dat geluk.
In zo’n samenleving ondersteunen burgers en overheid elkaar wederzijds: de burgers dragen de overheid en haar staatslieden op hun schouders. De overheid staat belangeloos ten dienste van haar burgers, en ware leiders vinden, als een barmhartige herder en een vader vol mededogen, hun voldoening in het geluk en welzijn van de samenleving.
De werkgever staat naast zijn personeel als het gaat om hun eten, hun kleding en al hun rechtmatige wensen, en heeft oog voor hun welzijn. Hij behandelt hen als familie, deelt met hen en respecteert hun rechten en behoeften: hij laat hen eten wat hij zelf eet en dragen wat hij zelf draagt, en legt hun geen werk op dat hun krachten te boven gaat. Werknemers zetten zich op hun beurt loyaal en toegewijd in voor hun werk en werkgever, ver van elke vijandschap tegen rijkdom en werkgevers, op weg om een voorbeeld van inzet en ijver te worden. Vanuit wederzijds vertrouwen leveren zij hun beste inspanningen en zwoegen en worstelen zij badend in het zweet, in de hoop dat hun inzet door God geëerd en gewaardeerd zal worden, zowel in dit leven als in het hiernamaals, en dat zij in de hogere wereld worden toegejuicht. Alles wat zij doen, doen zij met een tevreden hart.
Al generaties lang zoeken wij naar die langverwachte, ideale samenleving waar de wereld zo naar hunkert.
In zo'n samenleving bevordert het onderwijs met al haar instellingen het besef van deugdzaamheid, opent het deuren naar liefde en medemenselijkheid, en leert het nieuwe generaties mededogen te voelen met de mensheid en met iedereen tot overeenstemming te komen. Het beschermt hen tegen meedogenloze ambities, lage verlangens, elke vorm van ruwheid en alles wat de menselijke waardigheid aantast, en brengt hen in het bijzonder respect bij voor de waarden die de samenleving als heilig beschouwt.
Uiteindelijk waakt in zo'n samenleving de rechtspraak over rechtvaardigheid: ze treedt op tegen onrecht en agressie, en beschermt wie onschuldig of kwetsbaar is.
Al generaties lang zoeken wij naar die langverwachte, ideale samenleving waar de wereld zo naar hunkert. We verkennen elk denkbaar pad dat haar verwezenlijking een stap dichterbij kan brengen. Wie weet hoe lang onze zoektocht nog zal voortduren...