De vrouw is een belichaming van mededogen en spirituele rijkdom. Maar hoe kan het dat zij, zo diep geworteld in liefde en goddelijke harmonie, door de geschiedenis heen zo vaak werd miskend en onderdrukt? Vanuit spiritueel én historisch perspectief verkent dit artikel de oorspronkelijke, godgegeven waarde van de vrouw — en stelt de vraag: wat ging er verloren, en hoe herstellen we die balans?
In haar innerlijke wezen is de vrouw een monument van mededogen. Dat mededogen komt voort uit haar schepping en haar aard. Zolang haar zuivere natuur niet bezoedeld raakt, denkt zij in mededogen, spreekt zij met mededogen, handelt zij uit mededogen. Haar leven lang hult zij haar omgeving in mededogen, en laat zij ieder daar gul van proeven.
Terwijl zij allen met mededogen omhelst en ieder daar met volle teugen van laat drinken, lijdt zij – uit tederheid en fijngevoeligheid – in stilte met hen mee. Ze zorgt met liefde voor iedereen om haar heen: haar ouders, broers en zussen, vrienden, en wanneer de tijd daar is, haar echtgenoot en kinderen.
Wanneer zij deelt in hun vreugde en geluk, opent zij zich als een roos en verspreidt een stille glimlach over haar omgeving. Wanneer zij hun verdriet en zorgen ziet, verwelkt zij als een blad en weent zij, bewogen door hun verdriet.
Zij verlangt ernaar schoonheid te zien en zich te omringen met al wat mooi is. Soms vindt zij wat zij zoekt, soms ook niet. Soms waait er een felle wind die alles losrukt waaraan haar hart zich heeft gehecht; op zo’n moment klaagt en dwaalt zij rond, en waar zij ook gaat vindt zij geen rust. Dan kolkt haar binnenste van benauwdheid, en snikt zij stilletjes, met tranen die zich niet laten zien. En soms glanst er schoonheid aan haar horizon, en dan verheugt zij zich als een blij kind en deelt zij gul schalen vol vreugde uit.
Een thuis als afspiegeling van het Paradijs
Een vrouw die haar zielsverwant vindt in haar echtgenoot en haar vervulling vindt in haar kinderen, is als een vrouw uit het Paradijs. En het thuis dat zij bouwt is als het Paradijs zelf.
Kinderen die onder de hoede van zo’n thuis opgroeien, baden er in mededogen en groeien op als hemelse wezens. Wie het geluk heeft in zo’n thuis grootgebracht te worden, draagt altijd iets van het Paradijs met zich mee – zij leven met de vreugde van het hogere en stralen warmte uit naar iedereen om zich heen.
In zo’n gezin vormen de gezinsleden weliswaar afzonderlijke personen, maar de ziel die hen allen bezielt, is één. Deze ziel, die uit haar ontspringt en het hele huis omhult, doet zich gelden als een verbindende, begeleidende kracht.
Een gezegende vrouw, die de horizon van haar hart helder houdt en haar geest vrij laat stromen, is binnen het gezin als een Poolster: zij staat op haar vaste plek en draait rustig om haar eigen as, terwijl de andere gezinsleden hun bestaan om haar heen vormgeven en in verbondenheid met haar hun doelen nastreven. Ieders band met het huis is immers tijdelijk, begrensd en betrekkelijk. Maar de vrouw – wat haar roeping in het leven ook is – houdt het thuis bijeen en voedt haar gezin met liefde.
Spirituele gids voorbij woorden
Een vrouw wier gedachten en gevoelens geheel op de eeuwigheid gericht zijn, laat onze zielen iets ervaren wat geen enkele spirituele gids of onderwijzer ons kan overbrengen. Zij siert ons hart met kalligrafieën van de fijnste betekenissen – lijnen waaraan de tand des tijds niet kan knagen en die door geen hand uitgewist kunnen worden. Zo legt zij in ons onderbewuste een verborgen rijkdom die ons later, wanneer de tijd daar is, in staat stelt werelden te omspannen.
In de nabijheid van zo’n een volmaakte mens1, ervaren wij hoe de barmhartigheid, compassie en poëzie van het hiernamaals in onze zielen neerdalen, en ademen wij met vreugde de adem van het eeuwige in.
“Zij is de zuiverste essentie van goddelijk rentmeesterschap op aarde”
De vrouw is, vooral in haar moederschap, zo diep als de hemel zelf, en in haar hart bruisen gevoelens en gedachten als sterren aan het firmament. In haar binnenste huist een kluwen van gevoel en barmhartigheid. Altijd leeft zij in harmonie met haar lot, zoet en bitter, verzoend met haar vreugde en verdriet, verweven met blijdschap en zorg. Gesloten voor haat en vijandschap, steeds gericht op herleving en opbouw. Zij is de zuiverste essentie van goddelijk rentmeesterschap op aarde. Als het ware het destillaat van menselijke verfijning.
Een gezegende vrouw die, door haar geloof en haar besef van eeuwigheid, de deuren van haar hart heeft geopend naar het oneindige, staat op een magisch punt waar materie en betekenis, lichaam en ziel samenvallen. Daar bezit zij een glans die zó ver boven onze voorstelling uitstraalt, dat zelfs onze hoogste lof en waardering – hoe oprecht ook bedoeld – verbleken tot flakkerende kaarsen naast de zonnen van haar werkelijke waarde.
In ons denkkader en ons waardenstelsel is de vrouw de voornaamste kleur van de schepping, het meest gezegende en wonderbaarlijke fundament van de mensheid, een volmaakte afspiegeling van de schoonheid van het Paradijs in onze huizen, en de stevigste waarborg van ons bestaan en voortbestaan.
Voordat zij geschapen werd, was Profeet Adam (vrede zij met hem) alleen, het ecosysteem zonder ziel, de mensheid gedoemd tot sterven, het huis niet meer dan een holle boom, en de mens een gevangene in de glazen kooi van zijn sterfelijkheid.
Met haar kwam er een tweede pool, en de polen vonden elkaar. Het bestaan vulde zich met een nieuwe klank en een nieuw gezicht. De schepping trad haar voltooiing tegemoet. De eenzame mens werd een soort op zichzelf en daarmee een wezenlijk element in het universum. Daarmee gaf zij haar metgezel een waarde mee die boven alle waarden uitstijgt.
De gelijkwaardigheid van man en vrouw
Hoewel vrouwen fysiologisch en psychologisch anders zijn dan mannen, betekent dit niet dat de een hoger of lager staat dan de ander. We kunnen dit verschil vergelijken met stikstof en zuurstof in de lucht: beide elementen vervullen hun eigen, onvervangbare functie en zijn in gelijke mate van elkaar afhankelijk. Te zeggen dat “stikstof waardevoller is” of “zuurstof nuttiger”, is even onzinnig als het onderling vergelijken van de waarde van vrouwen en mannen. Zij delen dezelfde oorsprong en dragen een gezamenlijke opdracht in de wereld; zij zijn als twee zijden van één werkelijkheid – even verschillend als onmisbaar voor elkaar.
Man en vrouw, jong en oud, boog en pijl – ieder zoekt zijn paar,
– Anoniem
want niets in de wereld staat op zichzelf – alles is met elkaar.
Hoe de vrouw eeuwenlang werd miskend
Helaas is de waarde van de vrouw in de loop van de geschiedenis vaak niet erkend. In sommige culturen werden haar zelfs de meest basale rechten onthouden, en werd zij soms als een kwaad gezien. Ze werd afgeschilderd als een louter emotioneel wezen, dat men liever uit de weg ging. Elders werd de vrouw teruggebracht tot een dienende rol binnen het huis, onderworpen aan het gezag van de man, en soms door haar eigen vader uitgehuwelijkt of zelfs verhandeld.
Eeuwenlang werd de vrouw in verschillende gemeenschappen beschouwd als een last of als een bron van schande voor haar familie. In sommige culturen kreeg zij niet eens een eigen naam; ze was niet meer dan een nummer. Elders was zij niet meer dan een middel tot voortplanting.
Zelfs de groten van de wijsbegeerte hebben bijgedragen aan deze beschamende traditie: de vrouw werd neergezet als de poort waarlangs het kwaad binnendringt, als een gebrekkig en onvoltooid wezen, als een belemmering voor het succes van de man – ja, zelfs als een mislukking van de schepping.
Islam als bevrijder van vrouwenrechten
De islam, met zijn boodschap van eeuwigheid, was de eerste godsdienst die de geschonden rechten van vrouwen herstelde en hen expliciet beschermde door duidelijke regels vast te leggen. De Koran benadrukt deze waarheid onmiskenbaar met de woorden: “Mannen hebben rechten tegenover vrouwen, zoals vrouwen eveneens rechten tegenover mannen hebben”2, en verheft daarmee de vrouw tot haar rechtmatige plaats binnen de schepping.
In zijn afscheidspreek sprak de Profeet Mohammed (vrede en zegeningen zij met hem) deze gedenkwaardige woorden: “Ik raad jullie dringend aan de rechten van vrouwen te eerbiedigen en hierin God te vrezen, want zij zijn jullie door God toevertrouwd.”
Dat vrouwen in die duistere tijd, toen zij vrijwel overal ter wereld als koopwaar werden behandeld, tot een positie van respect werden verheven, was een historische gebeurtenis van groot belang. De positie en rechten van de vrouw worden in de Koran en de Sunnah zó duidelijk benadrukt, dat het geen overdrijving is te stellen dat zij door de islam uit gevangenschap werd bevrijd.
Veel schrijvers, zowel moslim als niet-moslim, delen deze overtuiging. Maurice Gaudefroy-Demombynes, auteur van het standaardwerk Muslim Institutions, stelt dat de Koran principes ter bescherming van vrouwen introduceerde die gunstiger waren dan veel Europese wetten uit dezelfde periode. Ook de Britse oriëntalist Stanley Lane-Poole benadrukt dat de islam uniek is door de historische omwenteling die hij in vrouwenrechten heeft gebracht. L.E. Obbald onderschrijft dit met zijn opmerking dat alleen de islam vrouwen wist te bevrijden uit onderdrukking en hun geschonden rechten kon herstellen.
Terug naar de oorspronkelijke harmonie
God schiep de vrouw als gelijkwaardige partner van de man. Adam kon niet zonder Eva, Eva niet zonder Adam. Dit eerste stel kreeg een belangrijke taak: zij werden aangesteld om namens hun Schepper te handelen, Zijn eigenschappen te weerspiegelen, en de rest van de schepping te laten begrijpen wat mens-zijn inhoudt. Ze waren als twee lichamen met één ziel, twee verschillende zijden van één waarheid. In de loop der tijd is deze oorspronkelijke eenheid verbroken door grofheid en kortzichtigheid. Toen die harmonie verloren ging, raakten zowel het gezin als de maatschappelijke orde ontwricht.
“Ze waren als twee lichamen met één ziel, twee zijden van één waarheid.”
De schoonheid van zowel vrouw als man is in wezen een afspiegeling van de Schoonheid van de Schepper.
In wezen is de schoonheid van zowel vrouw als man slechts een straal van de Schoonheid van de Schepper, de Allerschoonste — iets wat ook Ibn Farid benadrukt. Deze twee wonderen van de schepping stonden hand in hand, schouder aan schouder, en werden nog mooier wanneer ze elkaar accepteerden in hun eigen rol.
Echter, interpretaties en verwachtingen die buiten de natuurlijke orde van de schepping vallen, hebben deze harmonie verstoord. Vooral de schoonheid van de vrouw – een veelzijdige weerspiegeling van de Goddelijke Schoonheid – raakt verduisterd door onze fixatie op haar uiterlijke verschijning, waardoor wij zelf de reikwijdte van haar grootsheid beperken.
Zolang vrouwen zich bewust zijn van hun innerlijke diepte en trouw blijven aan hun eigen, door God gegeven aard, worden zij een zó helder gepolijste spiegel dat zij de wezenlijke schoonheid van de schepping weerspiegelen.
Wie met zuivere blik naar deze weerspiegeling kijkt, bevrijdt zich in één oogopslag uit de duisternis van lichamelijkheid en stijgt op naar de horizon van goddelijke schoonheid. In hun hart weerklinkt dan:
De zon der schoonheden gaat uiteindelijk onder,
– Anoniem
maar ik ben de minnaar van de Eeuwige –
ik houd niet van wat ondergaat.
📖 Bron: Yağmur, Nisan-Haziran 2000, Cilt 1, Sayı 7
🇹🇷 Türkçe: https://fgulen.com/tr/eserleri/beyan/dar-bir-cercevede-kadin
- ‘De volmaakte mens’ verwijst naar het concept van al-Insān al-Kāmil — een mens die in denken, voelen en handelen tot volledige geestelijke rijping is gekomen. Een weerspiegeling van de goddelijke eigenschappen op het hoogste niveau en het doel waartoe de mens geschapen is: een leven in volmaakte harmonie met waarheid, wijsheid en overgave aan God. ↩︎
- Koran 2:228 ↩︎
